Besox

Belastingkrediet voor de fietsvergoeding

5 januari 2024

Ter compensatie van de algemene verplichte fietsvergoeding o.b.v. NAR-cao nr.164 en van een vrijwillige verhoging van de fietsvergoeding kan je, als werkgever, een tijdelijke fiscale compensatie in de vorm van een belastingkrediet bekomen om de extra kost te recupereren.

NAR-cao nr.164

Algemene fietsvergoeding

De sociale partners binnen de Nationale Arbeidsraad hebben cao nr.164 gesloten ter invoering van een algemene fietsvergoeding sedert 1 mei 2023 voor werknemers die met de fiets naar het werk komen.

Deze cao is enkel van toepassing voor de werknemers die nog geen specifieke fietsvergoeding voor het woon-werkverkeer ontvangen op basis van een sectorale cao of een ondernemings-cao.

Voor de werknemers die dus niet behoren tot het toepassingsgebied van een cao over de fietsvergoeding, moet er sedert 1 mei 2023 rekening worden gehouden met de fietsvergoeding voorzien in cao nr.164.

Op basis van cao nr.164 wordt een fietsvergoeding toegekend aan de werknemers die de verplaatsingen tussen hun woonplaats en de plaats van tewerkstelling regelmatig met de fiets afleggen.

In 2023 bedroeg de fietsvergoeding o.b.v. cao nr.164 € 0,27 per met de fiets afgelegde kilometer. Vanaf 1 januari 2024 bedraagt deze fietsvergoeding € 0,28 per met de fiets afgelegde kilometer. Deze fietsvergoeding is vrijgesteld van sociale en fiscale bijdragen. Cao nr.164 voorziet wel een begrenzing van maximum 20 kilometer per enkel traject.

Belastingkrediet

Er wordt nu voorzien in een tijdelijke fiscale compensatie in de vorm van een belastingkrediet om de financiële gevolgen van de invoering van de algemene fietsvergoeding te verzachten. Het gaat om een tijdelijke maatregel voor de fietsvergoeding voor verplaatsingen tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling met de fiets in de periode van 1 mei 2023 t.e.m. 31 december 2024, toegekend in een belastbaar tijdperk verbonden met de aanslagjaren 2023, 2024, 2025 of 2026.

Dit belastingkrediet geldt voor de verhogingen van de fietsvergoeding, namelijk het verschil tussen de fietsvergoeding toegekend op een bepaald tijdstip in de periode van 1 mei 2023 t.e.m. 31 december 2024 en de referentiefietsvergoeding toegekend op 1 juli 2022. Indien er geen vrijwillige fietsvergoeding o.b.v. het arbeidsreglement of individuele overeenkomst werd toegekend, is de referentiefietsvergoeding in principe 0.

Het bedrag van het belastingkrediet is gelijk aan de verhoging van de fietskilometervergoeding vermenigvuldigd met het aantal kilometers waarvoor de vergoeding is toegekend binnen bovenvermelde periode, met een maximum van 20 kilometer per enkel traject.

Eén van de voorwaarden is echter wel dat de kost van de fietsvergoeding effectief moet worden gedragen door de werkgever en deze niet wordt doorgerekend aan een derde.

Het belastingkrediet moet worden aangevraagd in de belastingaangifte.

Facultatieve verhoging fietsvergoeding

Fiscaal en sociaal vrijgesteld bedrag

Vanaf 1 januari 2024 bedraagt de fietsvergoeding, vrijgesteld van fiscale en sociale bijdragen, € 0,35 per effectief met de fiets afgelegde kilometer.

De Regering heeft echter ook een maximumbedrag op jaarbasis vastgelegd, namelijk een maximumbedrag van € 2.500 per kalenderjaar. Dit maximum geldt per werkgever en per werknemer. Wordt het maximumbedrag overschreden, dan wordt het deel van de fietsvergoeding dat het grensbedrag overschrijdt, beschouwd als loon.

Belastingkrediet

Om werkgevers aan te moedigen om dit verhoogd bedrag toe te kennen, wordt er eveneens voorzien in een tijdelijke fiscale compensatie in de vorm van een belastingkrediet. Verhoog je dus vrijwillig de fietsvergoeding binnen jouw onderneming vanaf 1 januari 2024, dan kan je ook een compensatie van deze kost bekomen. Het gaat om een compensatie van de fietsvergoedingen toegekend voor de verplaatsingen tijdens de periode van 1 januari 2024 tot eind 2026 en die ten laatste op 31 december 2027 worden toegekend.

Om aanspraak te maken op dit belastingkrediet, gelden de volgende voorwaarden:

  • de kost van de fietsvergoeding wordt effectief gedragen door de werkgever;
  • de verhoging van de fietsvergoeding is niet het gevolg van een indexering;
  • de vrijwillige verhoging van de fietsvergoeding geldt onbeperkt in tijd (geen tijdelijke verhoging);
  • de verhoging moet worden vastgelegd in een ondernemings-cao, het arbeidsreglement of een individuele overeenkomst. Hier kan je een model terugvinden van een individuele overeenkomst ter verhoging van de fietsvergoeding.

Het belastingkrediet geldt voor het verschil tussen de fietsvergoeding toegekend op een bepaald tijdstip tussen 1 januari 2024 en 31 december 2026 en de referentiefietsvergoeding toegekend op 1 juni 2023, met een minimum van € 0,18 per kilometer. De compensatie wordt beperkt tot maximaal € 0,05 per kilometer.

Indien de werkgever reeds een compensatie krijgt in de vorm van een belastingkrediet gelinkt aan cao nr. 164 (zoals hierboven beschreven), wordt enkel het surplus van de verhoogde fietsvergoeding gecompenseerd door het belastingkrediet voor de facultatieve verhoging van de fietsvergoeding.

Voor meer informatie over het belastingkrediet, neem je best contact op met je boekhouder.

Bron: Wet van 28 december 2023 houdende diverse fiscale bepalingen, BS 29 december 2023; Wet van 22 december 2023 houdende diverse bepalingen, BS 29 december 2023.

Categorie