Besox

Nieuwe fiscale bedragen 2017

3 februari 2017

De FOD Financiën heeft in het Belgisch Staatsblad van 23 januari 2017 een bericht gepubliceerd over de automatische indexering van een aantal bedragen voor inkomstenjaar 2017 (aanslagjaar 2018). Hieronder vindt u een overzicht van enkele bedragen die van belang kunnen zijn in de loonberekening:

Vrijstelling werkgeverstussenkomst woon-werkverkeer

Voor verplaatsingen met een privé-vervoermiddel geldt in 2017 een fiscale vrijstelling van € 390 per jaar op voorwaarde dat de werknemer ervoor opteert om zijn werkelijke beroepskosten niet aan te tonen. In de bedrijfsvoorheffing wordt dit toegepast als een vrijstelling van € 32,50 per maand.

Fietsvergoeding

De kilometervergoeding die wordt toegekend voor verplaatsingen met de fiets tussen de woonplaats en de plaats van tewerkstelling wordt in 2017 voor een bedrag van maximum € 0,23 per kilometer vrijgesteld van belasting en dus ook van bedrijfsvoorheffing.

Bedrijfswagens

Het minimumbedrag van het voordeel van alle aard voor het privégebruik van een bedrijfswagen wordt voor 2017 vastgelegd op € 1.280 per jaar.

Kunstenaars

De bedragen die aan kunstenaars toegekend worden ter vergoeding van de gemaakte kosten voor kleinschalige artistieke activiteiten kunnen onder bepaalde voorwaarden vrijgesteld zijn van RSZ en bedrijfsvoorheffing.

Deze kostenvergoedingen in het kader van de zogenaamde kleine vergoedingsregeling voor kunstenaars zijn beperkt tot de volgende bedragen voor 2017:

  • de vergoeding bedraagt maximum € 124,66 per kalenderdag in 2017;
  • de kunstenaar mag maximum € 2.493,27 verdienen voor al zijn artistieke prestaties samen in 2017.

Sportbeoefenaars

Het grensbedrag van de bruto beroepsinkomsten voor sportbeoefenaars wordt voor 2017 vastgelegd op € 19.260 per jaar.

Studentenarbeid: de student als belastingplichtige

Een student die beroepsinkomsten uit studentenarbeid of onderhoudsuitkeringen ontvangt, moet in principe een aangifte in de personenbelasting indienen. In deze aangifte moeten alle belastbare inkomsten vermeld worden, ook het gedeelte dat niet als bestaansmiddelen wordt beschouwd en waarmee dus geen rekening wordt gehouden om te bepalen of de student nog ten laste van zijn ouders is.

De ongehuwde student wiens jaarlijks netto-belastbaar inkomen in 2017 (aanslagjaar 2018) lager ligt dan € 7.570 zal echter geen personenbelasting verschuldigd zijn.

Studentenarbeid: de student als persoon ten laste

Voor inkomstenjaar 2017 blijft de student ten laste van de ouders wanneer de totale inkomsten van de student lager zijn dan de hieronder vermelde bedragen:

Algemeen:

  • Bruto belastbaar inkomen* 2017: € 4.000
  • Netto belastbaar inkomen* 2017: € 3.200

Kind van een alleenstaande ouder:

  • Bruto belastbaar inkomen 2017: € 5.775
  • Netto belastbaar inkomen 2017: € 4.620

Gehandicapt kind van een alleenstaande ouder:

  • Bruto belastbaar inkomen 2017: € 7.325
  • Netto belastbaar inkomen 2017: € 5.860

Opgelet: Om te bepalen of de inkomsten lager liggen dan deze grenzen, moet er geen rekening gehouden worden met:

  • de eerste schijf van € 2.660 van de bezoldigingen verkregen door studenten in uitvoering van een studentenovereenkomst;
  • de eerste schijf van € 3.200 van de onderhoudsuitkeringen die aan de student zijn toegekend.

* bruto belastbaar: bruto-inkomsten – sociale bijdragen
* netto belastbaar: bruto belastbaar bedrag – 20% aftrekbare kosten met een minimum van € 440 in 2017

PC-privéplan

Onder bepaalde voorwaarden wordt de tussenkomst van de werkgever in de door zijn werknemers gedane aankoop van een pc, randapparatuur en printer, internetaansluiting, internetabonnement en software, fiscaal vrijgesteld.

Voor het inkomstenjaar 2017 is de werkgeverstussenkomst vrijgesteld voor een bedrag van maximum € 860 per belastbaar tijdperk. Indien de werkgever een hogere tussenkomst verleent, dan wordt het gedeelte boven het maximale toegestane bedrag een belastbare bezoldiging voor de werknemer.

Het voordeel van de tussenkomst van de werkgever kan enkel toegekend worden aan werknemers met een beperkt inkomen. Het bruto belastbare jaarloon mag in 2017 niet hoger liggen dan € 33.820.

Loonbonus

Voor inkomstenjaar 2017 bedraagt het maximale fiscaal vrijgestelde bedrag voor de niet-recurrente resultaatsgebonden voordelen van CAO nr. 90 van de NAR € 2.830.

Verwarming en elektriciteit

Het kosteloos ter beschikking stellen van verwarming en/of elektriciteit door de werkgever aan de werknemer is een voordeel in natura. Dit voordeel wordt door de fiscus forfaitair gewaardeerd. Dit zijn de geïndexeerde bedragen voor inkomstenjaar 2017.

Elektriciteit:

  • Bedrijfsleiders en leidinggevend personeel: € 970
  • Andere verkrijgers: € 440

Verwarming:

  • Bedrijfsleiders en leidinggevend personeel: € 1.950
  • Andere verkrijgers: € 880

Indexcoëfficiënt gratis woning

Ook het gratis ter beschikking stellen van een onroerend goed vormt een voordeel van alle aard. Voor de fiscus wordt dit voordeel forfaitair gewaardeerd aan 100/60ste van het geïndexeerd kadastraal inkomen (KI) van de woning.

Het voordeel wordt bepaald op basis van de volgende formules:

Woning ter beschikking gesteld door een rechtspersoon:

  • Niet-geïndexeerd KI is kleiner dan of gelijk aan € 745:

Geïndexeerd KI x 100/60 x 1,25

  • Niet-geïndexeerd KI is groter dan € 745:
  • Geïndexeerd KI x 100/60 x 3,8

Woning ter beschikking gesteld door een natuurlijke persoon:

  • Geïndexeerd KI x 100/60

Voor een gemeubelde woning wordt het voordeel in natura wel nog verhoogd met 2/3.

Het kadastraal inkomen wordt jaarlijks geïndexeerd. Voor inkomstenjaar 2017 bedraagt de indexatiecoëfficiënt voor het kadastraal inkomen 1,7491.

Opmerking: de RSZ baseert zich in principe op de huurwaarde om het voordeel van een gratis woning te bepalen. In de praktijk kan het fiscale forfait ook hier wel richtinggevend zijn voor de RSZ.

Aangezien wij niet altijd op de hoogte zijn van het KI van een woning of van de concrete samenstelling van de bedragen die geboekt worden als voordeel van alle aard, vragen wij u om ons te contacteren indien u van mening bent dat deze wijzigingen gevolgen kunnen hebben voor de loonberekening van uw onderneming. Op die manier kunnen we samen met u bekijken of er voor uw onderneming daadwerkelijk een aanpassing van de voordelen van alle aard moet gebeuren.

 

Bron: Bericht in verband met de automatische indexering inzake inkomstenbelastingen – aanslagjaar 2018, B.S. 23 januari 2017, 3e editie.