Besox

Annualisering van de kleine flexibiliteit

7 Juni 2017

Hoe de kleine flexibiliteit was…

Het systeem van kleine flexibiliteit biedt de werkgevers de mogelijkheid om in te spelen op de onregelmatige activiteit van hun onderneming; ze kunnen piekroosters voorzien voor periodes van toegenomen activiteit en dalroosters voor kalmere periodes.

Daarbij moeten gelijktijdig de volgende grenzen gerespecteerd worden:

  • maximum 2 uur onder of boven de standaard dagelijkse grens;
  • maximum daggrens van 9 uur;
  • maximum 5 uur onder of boven het standaard weekrooster;
  • maximum weekgrens van 45 uur;
  • de gemiddelde arbeidsduur moet gerespecteerd worden binnen een referteperiode van maximum 12 maanden.

Om zijn flexibele uurregeling toe te passen, zal de werkgever de toepasselijke uurroosters (het normale uurrooster

of de alternatieve piek- of dalroosters) tenminste 7 dagen op voorhand op een zichtbare en toegankelijke plaats in de lokalen van zijn onderneming moeten aanplakken. Het is niet mogelijk om werknemers tewerk te stellen buiten de uurroosters van het arbeidsreglement.

Op het einde van elke betaalperiode moet de werkgever een loon betalen dat wordt berekend op basis van de gemiddelde wekelijkse arbeidsduur die in de overeenkomst wordt vermeld.

De uren die buiten het uurrooster worden gepresteerd, zijn echte overuren die onderworpen zijn aan de algemene regel.

Wat er nieuw is aan de kleine flexibiliteit?

Sinds 1 februari 2017 werd de referteperiode op 1 kalenderjaar gebracht. De onderneming kan ook kiezen voor een andere periode van 12 opeenvolgende maanden, maar een kortere referteperiode is niet meer mogelijk.

Een overgangsmaatregel bepaalt wel dat de cao’s, die uiterlijk op 31 januari 2017 gesloten en neergelegd werden, evenals de bepalingen die uiterlijk op 31 januari 2017 opgenomen werden in het arbeidsreglement, ongewijzigd van kracht blijven. In die gevallen kan er dus wel nog een kortere referteperiode dan 12 maanden bestaan.

De flexibele uurregeling moet ingevoerd worden bij cao of door aanpassing van het arbeidsreglement. Het bestaande cascadesysteem, waarbij een invoering via het arbeidsreglement enkel mogelijk was bij gebrek aan een cao, werd afgeschaft.

 

Bron: Wet d.d. 5 maart 2017 betreffende werkbaar en wendbaar werk, B.S. 15 maart 2017.